Aangifte wettelijke samenwoonst

Wat?
De wet van 13 november 1998 voorziet de mogelijkheid tot wettelijke samenwoonst. Het is de bedoeling om ook voor niet-gehuwde samenwonenden een aantal rechten en plichten te voorzien die engszins vergelijkbaar zijn met deze binnen een huwelijk. Deze handelen o.a. over het bijdragen in de lasten van het samenleven, het aangaan van schulden, regelingen omtrent de kinderen, de onroerende goederen enz.

Voorwaarden
In principe kan iedereen wettelijk samenwonen. Er zijn echter drie voorwaarden om een verklaring van wettelijk samenwonen te kunnen afleggen:

  • Je moet op het ogenblik van de verklaring op hetzelfde adres wonen.
  • Je mag niet getrouwd zijn of wettelijk samenwonen met iemand anders.
  • Je moet bekwaam zijn om contracten aan te gaan. Concreet wil dit zeggen dat minderjarigen en onbekwaamverklaarden geen verklaring van wettelijke samenwonen kunnen afleggen.

 

Procedure
Je dient een gemeenschappelijke verklaring af te leggen bij de dienst burgerzaken.
Deze verklaring moet bevatten:

  • de datum van de verklaring
  • naam, voornamen, plaats en datum van geboorte en handtekening van beide partners
  • de gemeenschappelijke woonplaats
  • de vermelding van de wil van beiden om wettelijk samen te wonen
  • de vermelding dat je beiden vooraf kennis nam van de inhoud van art. 1475-1479 burg.wetboek (document wordt je overhandigd)
  • eventueel de melding van het bestaan van een authentieke notariële akte die de wettelijke samenwoning regelt. In een dergelijke akte kunnen meer afspraken of meer details worden vastgelegd. Hiervoor dien je je bij een notaris aan te bieden. Een dergelijke akte is niet verplicht.

Je krijgt een ontvangstbewijs van je aangifte. Tegelijk wordt het bestaan van de wettelijke samenwoonst ingegeven in het bevolkingsregister.